Een beheerder aan het woord

"De laatste jaren wordt het krijgen van subsidies steeds complexer"

Arthur van Veen is lid van de IVN afdeling Ronde Venen en Uithoorn. Hij is actief betrokken bij het onderhoud van knotwilgen sinds 1980.

Hoe zijn jullie bij het onderhoud van knotbomen betrokken geraakt?
Traditioneel stonden er veel knotbomen rond boerenland en boerenerf, die werden onderhouden door de boeren. Maar vanaf de jaren zestig, zeventig van de vorige eeuw had het hout van die bomen voor hen geen nut meer en het ontbrak ze aan tijd om de bomen nog bij te houden.

Wat troffen jullie aan?
Zwaar verwaarloosde bomen waarvan de stam begon te scheuren door het zware hout dat erop stond. Ook waren bomen omgevallen of doodgegaan, waardoor er gaten in de rijen waren ontstaan.

Wat is daarna gebeurd?
Het achterstallige onderhoud is opgeheven en er zijn op open plaatsen nieuwe knotbomen aangeplant. Dat heraanplanten gaat gemakkelijker bij nieuwe buitenbewoners van het buitengebied dan bij boeren, trouwens.

Hoe wordt het beheer gefinancierd?
Landschapsbeheer regelde de afsluiting van subsidieregelingen, van de provincie en via het Programma Beheer. Sommige gemeenten geven ook subsidie.

Hoe kwam de historische informatie boven tafel?
Over knotbomen is al veel bekend en ook al het een en ander gepubliceerd.

Wie waren de trekkers?
Hier de Milieuvereniging Leefbaar Mijdrecht, op veel andere plaatsen IVN-afdelingen.

Welke functie hebben de knotbomenrijen nu?
Ze hebben een natuurfunctie en een belangrijke landschappelijke functie. Niet alleen vanwege hun eigen schoonheid maar ook omdat ze helpen bij de inpassing van nieuwe gebouwen in het landschap.

Wat gebeurt er nu aan onderhoud?
We stikken de bomen niet het eerste of tweede jaar na het knotten. We komen na vier of vijf jaar op vaste adressen terug voor de volgende knotbeurt.

Waren er onverwachte meevallers?
De hulp van de provinciale organisatie voor landschapsbeheer. Zij geven ook
goedkope scholingen voor vrijwilligers en subsidiëren de aanschaf van materiaal.

Waren er knelpunten?
- De laatste jaren wordt het krijgen van subsidies steeds complexer. Dat is
frustrerend voor vrijwilligers.
- Lastig is dat in sommige gemeenten absoluut geen takken meer verbrand mogen worden. Verwerken in takkenrillen of oeverbescherming is dan vaak
de enige praktische oplossing. Vaak voeren de boeren het ook zelf af.
- Verder zijn er locaties waar het waterschap wil dat de knotwilgen verdwijnen. En dijkverhoging leidt ook tot verlies van knotbomen.

Heb je aanbevelingen?
- Vertrouw wat het werven van vrijwilligers betreft vooral op mond tot mond
reclame.
- Laat dikke takken van vijf jaar of ouder, om het werk gemakkelijker te maken, een eind bóven de knot afzetten door vrijwilligers.
- Haal aan het eind van de dag of een dag later de resterende stompen er af
met kettingzagen.