Beheer, behoud, ontwikkeling

Aantastingen en bedreigingen
Het verloren gaan van de oorspronkelijke (economische) functie en daarmee de officiële status is de meest directe bedreiging voor dit soort grote en gecompliceerde landschapselementen. Verlanding treedt op door achterstallig onderhoud en dichtgroeien. Dit kan in eerste instantie fraaie natuurwaarden opleveren, maar gaat op lange termijn ten koste van het voortbestaan en ook de ecologische waarde van de kooi als geheel: de 'natte' component gaat verloren. Bovendien verliest een eendenkooi daardoor zijn officiële status, wat op langere termijn mogelijk de meest serieuze bedreiging van het voortbestaan is. Bij vernieuwing van bestemmingsplannen wordt het kooirecht vaak niet meer meegenomen.

Beheeropties

Behoud en consolidatie
De cultuurhistorische waarde en de status van een eendenkooi blijft alleen in stand wanneer bij het beheer ook de traditionele elementen zoals vangarmen, schermen en hakhout bewaard blijven. Maar ook vanwege de natuurwaarde heeft het de voorkeur dat het oude beheer wordt voortgezet. Bij een eendenkooi, of een restant van een eendenkooi, is het belangrijk dat de plas open wordt gehouden en liefst ook op diepte. Voorkomen moet worden dat de hele houtopstand zich ontwikkelt tot opgaand hout. Aan de uiteinden van de pijp(en) werd het hout vanouds in hakbeheer gehouden omdat
een te donker uiteinde de eenden af zou schrikken. Op de rest van het bos werd eveneens een hakhoutbeheer toegepast, maar met een langere omlooptijd. In de kooi gekapt hout was voor een deel voor eigen gebruik (vooral het dikkere hout) en deels ook voor de verkoop, bijvoorbeeld als takkenbossen. Op die manier zorgde het hout voor een extra bron van inkomsten. Verder werd het takken gebruikt om de oevers te verstevigen en voor vlechtwerkschermen.
Om de registratie als eendenkooi te houden moeten de rietschermen in stand gehouden worden en minimaal een van de vangarmen moet intact blijven. Is er een rietkraag aanwezig, hou die dan vitaal door het riet regelmatig in de winter af te maaien en af te voeren. Als er veel riet staat en er gelegenheid toe is kan dit het beste gefaseerd gebeuren, waarbij in dit geval elk jaar een deel van het riet wordt gemaaid, waardoor er zowel één-, twee - als driejarig riet staat. Voor de rietgroei is het belangrijk dat er geen schaduw op de oever valt. Het groeien van bomen vlakbij de oever moet daarom worden tegengegaan en ook het hangen van takken laag over het water en het riet is nadelig voor de vitaliteit van het riet.
Eventuele struwelen met bramen zijn waardevol voor de natuur, maar door afzetten en snoeien moet voorkomen worden dat er over grote gedeelten van het oppervlakte een overwoekering door bramen plaatsvindt.

Restauratie
Wanneer bepaalde onderdelen van de eendenkooi verwaarloosd zijn of verloren zijn gegaan kan men streven naar herstel daarvan. Belangrijk is dan dat dit op basis van onderzoek naar de oorspronkelijke situatie gebeurt. Hou daarbij uiteraard ook rekening met regionale verschillen. Vooraf moet geïnventariseerd worden welke natuurwaarden aanwezig zijn en welke natuurwaarden kunnen verdwijnen door de restauratie.

Reconstructie
Wanneer een eendenkooi totaal verdwenen is zou reconstructie van de complete kooi een optie kunnen zijn, maar die mogelijkheid zal zich niet vaak voordoen. Meer waarschijnlijk is het dat het om de reconstructie van onderdelen van de kooi gaat, maar dat is dan in feite restauratie. Denk bij
voorbeeld aan het herstel van een vangarm of van een rietscherm. Maak een zorgvuldige afweging over de plaats waar deze 'reconstructie' plaatsvindt en de manier waarop. Zorg voor een goede documentatie van de werkzaamheden, waardoor het later ook nog duidelijk is welke delen van de eendenkooi (min of meer) authentiek zijn en welke delen niet.

Behoud door ontwikkeling
Een nieuwe functie van sommige eendenkooien is die van vogelringstation ten behoeve van onderzoek naar bijvoorbeeld de vogeltrek. Eendenkooien bieden daarnaast veel kansen voor natuurontwikkeling en voor educatie, zowel op het terrein van cultuurhistorie als van natuur. Wellicht zijn er ook mogelijkheden voor extensieve vormen van recreatie, die zich goed verdragen met de storingsgevoeligheid van de kooi, denk bijvoorbeeld aan een speciale stiltecamping. Te denken valt ook aan een stilte-, bezinnings- of meditatiecentrum, bijvoorbeeld in kooien die hun oorspronkelijk karakter door infrastructuur of bebouwing al hebben verloren.